Dierentransporten
Dierentuinen werken op veel gebieden samen. Heel belangrijk is het onderling ruilen van dieren om inteelt te voorkomen. Vooral in voor- en najaar, als het niet te warm of te koud is, vinden dierentransporten plaats. In Dierenpark Emmen is Rieks Scheve de specialist op dit gebied. Hij bepaalt hoe een transport gaat verlopen. Rieks' vrouw Tiny gaat mee als tweede chauffeur van de vrachtwagen.
Vissen worden verpakt in grote plastic zakken met water en slangen in katoenen zakken. Daaromheen komt een grote piepschuim doos met luchtgaatjes om de dieren warm te houden. Vogels en zoogdieren gaan in speciale transportkisten, die voor elk dier apart wordt gemaakt. Voor een tijger heb je een heel andere kist nodig dan voor een neushoorn. Een kist voor hoorndragende antilopen bijvoorbeeld mag alleen luchtgaten hebben, geen spleten waar hij met zijn hoorns in klem kan komen te zitten. Jonge gnoetjes kunnen het best met drie tegelijk in een grote kist met tussenschotten, een volwassen gnoe moet beslist een kist voor zich alleen. Een kist met een zebra moet dwars op de vrachtwagen staan om te voorkomen dat het dier bij plotseling remmen zijn nek breekt. Om diezelfde reden krijgt een giraffe geen hooi op de bodem van de kist. Als het dier daar van gaat eten en de vrachtauto moet hard remmen, kan dat fataal voor de langnek zijn. Voor elk dier zijn er zo uiterst bijzondere eisen voor transporten
Dierenpark Emmen
Speciale route voor giraffen
Een giraffe die naar een andere dierentuin gaat, staat vanaf vier weken voor het transport regelmatig apart op stal om te wennen aan het alleen zijn. Als het dier van tevoren al erg onrustig is, krijgt het een kleine dosis kalmeringsmiddel om een teveel aan stress zoveel mogelijk te vermijden. Als de andere giraffen in het buitenverblijf staan, wordt de transportkist voor de deur van de giraffenstal gezet. De giraffe of soms moeder en kind giraffe kunnen dan nog maar één kant op: de transportkist in. Vanachter een verrijdbaar hek duwen de verzorgers de giraffe de hoge kist in. Twee man houden een groot zeil voor de kop van het dier zodat hij zijn vertrouwde stal niet meer kan zien. Op de bodem van de kist ligt wat stro met mest, zodat het vertrouwd ruikt. Zodra de giraffe in de kist zit, wordt er een dekzeil over heen getrokken. Dat is zo gemaakt dat het licht van autolampen er niet door kan schijnen. Zo blijft de giraffe onderweg lekker rustig. Terwijl de andere giraffen toekijken, wordt de kist met een grote hijskraan op een dieplader gezet. Als de kist goed vastgezet en verankerd is, kan de reis beginnen. Er is daarbij aan tal van dingen gedacht. Papieren om de grens over te komen zijn lang van tevoren in orde gemaakt om urenlang oponthoud te voorkomen. Er gaat een narcosemiddel mee voor eventuele noodsituaties onderweg, want een auto-ongeluk kan altijd gebeuren. Er gaan minstens twee chauffeurs mee die ervaring hebben in het rijden met zulke bijzondere passagiers. Er wordt alleen af en toe gestopt om de giraffe wat natte bladeren te laten eten. Een dieplader met een vier meter hoge kist kan niet onder elke brug of viaduct door. Op speciaal daarvoor gemaakte kaarten moet een route uitgestippeld worden. Het komt soms voor dat het in hoogte verstelbare dak van de kist even verlaagd moet worden om een knelpunt te passeren. De rit wordt zo gepland dat het dier niet midden in de nacht maar op een geschikt tijdstip op de plaats van bestemming is. Natuurlijk is het altijd weer een opluchting, als Rieks belt met de mededeling dat de dieren gezond en wel op de plaats van bestemmeing zijn aangekomen.
Dierenpark Amersfoort
Regelmatig verhuizen er dieren naar andere dierentuinen. Niet alleen het oefenen met de dieren neemt tijd in beslag. Ook het regelen van de benodigde vergunningen en documenten is een vak apart. Blijft een dier in Nederland, dan is de papierwinkel een stuk beperkter dan als een dier vertrekt naar een tuin buiten ons land.
Er zijn verschillende redenen om een dier naar een andere dierentuin te brengen. Een reden is als een dierentuin te veel exemplaren heeft van een bepaalde diersoort. Daarnaast zijn er ook uitwisselingen in het kader van een fokprogramma.
Als binnen een groep te veel mannetjes zijn, kan dit invloed hebben op het welzijn van de soortgenoten. De mannetjes worden dan op de 'Wanted and Available List' geplaatst. Op deze lijst staan alle dieren vermeld die beschikbaar zijn in de EAZA dierentuinen en waar in een andere gerenommeerde tuin behoefte aan is. Bij een fokprogramma loopt het contact via de coˆrdinator. Deze houdt alle gegevens bij van een bepaalde diersoort en adviseert de dierentuinen over het succesvol behouden daarvan. Ook bepaalt de coˆrdinator welke dieren geschikt zijn om met elkaar te paren. DierenPark Amersfoort doet dit voor de hyena's en de groenwangamazone papegaaien.
Zijn de contacten gelegd, dan beginnen de voorbereidingen voor het transport en komt een ware papierwinkel op gang. Als het om een ernstig bedreigde diersoort gaat, zoals een Siberische tijger, dan moet vaak een Cites-certificaat worden aangevraagd. Dit is een wereldwijde afspraak om controle te houden over de handel in dieren en om illegale praktijken tegen te gaan. Daarnaast moet een dier een gezondheidsverklaring hebben. Voordat een chimpansee op reis mag, wordt hij bijvoorbeeld gecontroleerd op tbc en wormen. Hond- en katachtigen ondergaan daarbij een hondsdolheidtest. Vertrekt het dier naar een dierentuin buiten de Europese Unie, dan is ook een verklaring van de douane nodig. Dit is een extra controlemiddel om illegale dierenhandel tegen te gaan. Afhankelijk van het dier en de bestemming, kan dit proces wel drie maanden in beslag nemen.
Hoe verhuist een olifant naar een andere dierentuin? Bestaan er wagens waar een giraffe in past en hoe omzeil je de vele viaducten onderweg? Voor dierentuinen is dit geen probleem. Regelmatig verhuizen er dieren naar andere tuinen. Sommige dierenparken hebben zelf de expertise in huis om het vervoer te regelen, anderen huren een gespecialiseerd transportbedrijf in.
DierenPark Amersfoort heeft veel ervaring met giraffetransporten. Het park heeft een mannengroep met gemiddeld 7 dieren, afkomstig van dierentuinen uit heel Europa. Ook vertrekken er regelmatig langnekken. Voor het vervoer bestaat een speciale 'paardentrailer' met een in hoogte verstelbaar dak en verwarming. Afhankelijk van het karakter, oefenen de verzorgers soms wel twee maanden met het dier. Staat hij eenmaal in de trailer, dan gaat de deur dicht en wordt de kar verduisterd om het dier te kalmeren. De verzorgers laten het dak langzaam zakken, waardoor de giraf zijn nek buigt naar een comfortabele hoek. En zo is hij helemaal klaar voor een voorspoedige reis.